MemoryLane
Mijn vader hield mijn sjaal vast
Ik hoor de eerste regels en ik ben weer in De Kuip. Niet bij de wedstrijd zelf, gek genoeg. Bij mijn vader zijn hand. Hij was toen al ziek, maar hij wilde mee. Per se. Iedereen zei dat het te druk zou zijn, te veel trappen, te lang staan. Hij zei alleen: “als ze kampioen kunnen worden, ga ik.” Dus daar stonden we, vak Z, ik met twee plastic bekers bier en hij met die oude sjaal die al dun was geworden van dertig jaar handen. Toen You’ll Never Walk Alone begon, zong hij niet meteen mee. Hij keek vooral rond. Alsof hij de tribunes wilde opslaan. Pas bij het tweede couplet hoorde ik hem. Zacht, hees, niet helemaal op toon. Ik weet nog dat ik me schaamde omdat ik moest huilen vóór de wedstrijd überhaupt begonnen was. Als ik het nummer nu hoor, denk ik niet aan voetbalromantiek. Ik denk aan zijn duim die over de rafels van die sjaal ging. Aan hoe hij na afloop zei dat hij moe was maar “goed moe”. Dat was de laatste wedstrijd die we samen zagen.
- Gepubliceerd
- 15 mei 2026
- Laatst aangepast
- 15 mei 2026
Uitnodigen
Ken je iemand die hierbij was?
Stuur deze lane door en vraag om een memory toe te voegen.